Surinaamse keuken is een rijke mix van culturen die hun sporen hebben nagelaten in de smaken, kruiden en gerechten. Aangevuld met invloeden uit Azië, Afrika en Europa, is de Surinaamse keuken een feest van diversiteit. Traditioneel bevat het veel rijst, rijstnoodles (bami), en ingeblikte of gefermenteerde ingrediënten die rijk zijn aan koolhydraten. Maar hoe zit het voor diegenen die op hun koolhydratenletten, of zelfs ketogeen voeden?
De oplossing ligt in de innovatie. Aan de hand van koolhydraatarmere ingrediënten en slimme keuzes is het mogelijk om klassieke Surinaamse gerechten zoals bami en roti te maken, zonder dat je de essentie van de smaken verliest. In deze uitgebreide gids worden koolhydraatarme Surinaamse recepten verkenning gedaan, inclusief de toepassing van alternatieve ingrediënten zoals konjac- of kelpnoodles, koolhydraatarme roti en het gebruik van Surinaamse kruidenmengsels zoals masala. Hiermee wordt een brug geslagen tussen traditie en moderne voedingskeuzes.
Surinaamse kruidenmengsels: het hart van de keuken
Een van de essentiële ingrediënten in Surinaamse keuken is de masala. Deze kruidenmengsel is cruciaal voor het creëren van diepe, aromatische smaken in gerechten. De Surinaamse masala bestaat uit een combinatie van losse kruiden die afzonderlijk worden gerost, waardoor ze een intensere smaak krijgen. De standaardinhoud van het mengsel omvat:
- Korianderzaad
- Komijnzaad
- Mosterdzaad
- Zwarte peperkorrels
- Fenegriekzaad
- Nigellazaad
- Gemalen kurkuma
Volgens bron [1] is het verstandig om de kruiden individueel te roosteren en pas daarna te mengen. Hierdoor behoudt elk kruid zijn eigen smaak, wat een rijke en complexe smaakcreatie mogelijk maakt. Het gebruik van deze kruidenmengsel is essentieel in gerechten zoals kip, bami of roti. Voor een koolhydraatarme aanpak is het aan te raden om deze masala zelf te maken of bij een Surinaamse toko te kopen, omdat deze versie aanzienlijk smaakvoller is dan de varianten verkrijgbaar in supermarkten.
Het is belangrijk om masala niet te verwarren met garam masala, die in Indiase curry’s wordt gebruikt. Hoewel beide kruidenmengsels in Aziatische keukens gebruikt worden, is de samenstelling en toepassing van deze mengsels verschillend. Dit betekent dat het niet mogelijk is om garam masala als vervanging te gebruiken voor Surinaamse masala in Surinaamse gerechten.
Konjac- en kelpnoodles: het alternatief voor traditionele bami
Een klassieke Surinaamse gerecht zoals bami is traditioneel gemaakt met rijstnoodles. Aangezien deze noodles echter rijk zijn aan koolhydraten, zijn er innovatieve alternatieven ontstaan die het gerecht koolhydraatarm maken, zonder de smaak te verliezen. Twee van deze alternatief zijn:
- Konjacnoodles (Shirataki)
- Kelpnoodles (zeewier)
Beide soorten noodles worden ook wel zero noodles genoemd vanwege hun vrijwel nul koolhydraatgehalte. Konjacnoodles zijn traditioneel uit Japan en gemaakt van de wortel van de konjacplant. Ze bevatten veel voedingsvezels met een pre-biotische werking en hebben vrijwel geen calorieën. Kelpnoodles daarentegen zijn gemaakt van zeewier en hebben ook een zeer laag koolhydraatgehalte. Ze zijn in smaak het dichtst bij glasnoodles van mungbonen.
Bron [2] en [3] geven aan dat beide soorten noodles goed te gebruiken zijn in Surinaamse gerechten zoals bami. Ze hebben echter een iets andere tekstuur en smaak dan klassieke rijstnoodles, wat betekent dat ze beter kunnen passen in gerechten met een sterkere saus of kruidenmengsel. Het is aan te raden om de noodles goed te spoelen onder koud water, aangezien ze een lichte geur kunnen hebben die tijdens het koken verdwijnt.
Tips voor het gebruik van konjac- en kelpnoodles:
- Spoel ze goed af onder koud water om eventuele geur of smaak te verwijderen.
- Laat ze goed uitlekken in een zeef of vergiet om overtollig water te verwijderen. Dit voorkomt een te natte saus.
- Gebruik een minimale hoeveelheid saus om het gerecht koolhydraatarm te houden.
- Bak de saus afzonderlijk, zodat de smaak intenser kan worden.
Een extra tip is om de saus dik te maken, bijvoorbeeld door het gebruik van koolhydraatarme ketjap of tomatenpuree. Ook is het mogelijk om een koolhydraatarme ketjap zelf te maken, wat ervoor zorgt dat je controle hebt over de ingrediënten en het suikergehalte.
Koolhydraatarme roti: traditioneel gerecht in modern jasje
Een klassiek gerecht dat vaak voorkomt in Surinaamse keuken is de roti. Traditioneel is roti gemaakt met rijst of tarwe, wat betekent dat het een gerecht is met een relatief hoog koolhydraatgehalte. Echter, zoals aangegeven in bron [4], is het mogelijk om een koolhydraatarme versie te maken, die toch authentiek smaakt.
De koolhydraatarme roti gebruikt ingrediënten zoals:
- Amandelmeel
- Psylliumvezels
- Gebroken lijnzaad
- Lupine meel
Deze ingrediënten geven de roti een stevige structuur en een texture die lijkt op traditionele roti. Het gerecht wordt meestal gemaakt als een soort taart, waarbij de kip met kruiden (meestal Surinaamse masala) wordt ingevat.
De bereidingswijze omvat het mengen van de droge ingrediënten, het bakken van de kip in kokosolie en het afsluiten met de roti. De kip wordt eerst gemarineerd in Surinaamse masala, zout en peper, waarna het wordt gebakken tot het goudbruin is. De roti zelf wordt dan samengesteld en op tafel gebracht.
Voordeel van koolhydraatarme roti:
- Ze bevatten weinig koolhydraten en zijn dus geschikt voor een lowcarb of ketogene dieet.
- Ze kunnen op voorhand gemaakt worden en opgevroren worden voor later gebruik.
- Ze smaken authentiek en behouden de Surinaamse smaken en kruiden.
Kip met koolhydraatarme roti – een recept
Hieronder volgt een recept voor Surinaamse kip met koolhydraatarme roti, gebaseerd op bron [4]:
Ingrediënten:
Voor de kip:
- 750 g kippenvleugels
- 750 g kippen dij-filet
- 5 el Surinaamse masala
- 5 verse teentjes knoflook
- 3 rijpe tomaten
- 1 rode ui
- ½ stuk madam janet peper
- 1 stuk kousenband
- Naar smaak versgemalen peper
- Naar smaak zout
- 1 el kokosolie
Voor de roti:
- 80 g amandelmeel
- 30 g psylliumvezels
- 80 g gebroken lijnzaad
- 25 g lupine meel
- ½ stuk madam janet peper
- 2 teentjes knoflook
- 250 ml warm water
- 1 snufje peper
- 1 snufje zout
- 1 el kokosolie
Aan de slag:
- Halveer de kippenvleugels en snijd de kipdijfilet in hapklare blokjes.
- Verhit kokosolie in een grote braadpan of wok.
- Voeg fijngehakte madam janet, knoflook en rode ui toe en fruit deze aan tot ze zacht en geurig zijn.
- Voeg de Surinaamse masala toe en roer goed door.
- Bak de masala ongeveer een minuut mee.
- Voeg de kipstukken toe en zorg ervoor dat ze goed bedekt zijn met het kruidenmengsel.
- Giet een half kopje water bij en zet het vuur laag. Dek de pan af en laat de kip ongeveer 40 minuten pruttelen.
- Na 40 minuten voeg de tomaten en kousenband toe. Breng op smaak met zout en peper.
- Los ongeveer 1 theelepel johannesbroodpitmeel op in een klein beetje water en giet dit al roerend bij de kip.
- Laat het geheel nog even doornemen.
Voor de roti: 1. Meng amandelmeel, psylliumvezels, gebroken lijnzaad en lupine meel in een kom. 2. Voeg fijngehakte madam janet, knoflook, zout, peper en kokosolie toe. 3. Voeg het warme water toe en meng goed tot een deegachtige massa. 4. Vorm het deeg in een plak en bak het in een pan met kokosolie tot het goudbruin is. 5. Serveer de kip met de roti en eventueel een koolhydraatarme saus zoals ketjap of tomatenpuree.
Surinaamse bami: kruidige noodles met een twist
Een ander klassiek gerecht dat in koolhydraatarme versie is te maken is Surinaamse bami. Deze bami is traditioneel gemaakt met rijstnoodles, maar in een koolhydraatarmere variant worden deze vervangen door konjac- of kelpnoodles. Het resultaat is een gerecht dat qua smaak en kruidigheid gelijk is aan de klassieke versie, maar zonder het hoge koolhydraatgehalte.
Bron [3] beschrijft hoe het gerecht wordt bereid met een combinatie van gemarineerde kip, kruiden en een zuurgoed. Het geheim zit in de kruiden zoals laurierblad (of daun salaam, zoals het in Indonesische keukens wordt genoemd), pimentkorrels en trassi (gedroogde garnalenpasta). Deze ingrediënten versterken de smaak en geven het gerecht diepere noten.
Een van de essentiële stappen bij het maken van koolhydraatarme Surinaamse bami is het maken van een zuurgoed. Dit zuurgoed kan van te voren gemaakt worden en eventueel laten intrekken om de smaak te intensiveren. Het gerecht is ook ideaal om vooraf klaar te maken en later op te warmen. Hiermee is het een handig gerecht voor lunch of avondeten.
Ingredienten voor Surinaamse koolhydraatarme bami:
- Konjac- of kelpnoodles
- Koolhydraatarme ketjap (zelfgemaakt of gemaakt met vloeibare karamel zoetstof en sojasaus)
- Tomatenpuree koolhydraatarm
- Rode ui koolhydraatarm
- Knoflook
- Laos of galanga (vers)
- Bottenbouillon poeder
- Pimentkorrels
- Trassi (gedroogde garnalenpasta)
- Indonesisch laurierblad (daun salaam)
- Verse bladselderij
- Kokosolie
Bereiding:
- Spoel de noodles goed af onder koud water en laat ze goed uitlekken in een vergiet of zeef.
- Verwarm de bakpan en voeg kokosolie toe.
- Bak de noodles in de pan tot ze een lichte goudkleur krijgen.
- Voeg knoflook, rode ui en eventueel galanga toe en fruit deze aan tot ze zacht zijn.
- Voeg de Surinaamse kruiden (zoals pimentkorrels, trassi en laurierblad) toe en roer goed door.
- Giet de koolhydraatarme ketjap, tomatenpuree en eventueel bouillonpoeder toe.
- Laat het gerecht nog even doornemen tot de smaken verenigen.
- Serveer het gerecht met een plasje zuurgoed of extra ketjap.
Kruiden en specerijen: essentiële ingrediënten in Surinaamse keuken
Een aantal specifieke kruiden en specerijen is essentieel in Surinaamse keuken. Deze geven niet alleen smaak, maar ook diepte aan de gerechten. Hieronder worden enkele van deze ingrediënten verder toegelicht.
Trassi
Trassi is gedroogde garnalenpasta en een essentieel ingrediënt in Surinaamse gerechten. Het heeft een sterke, zilte smaak die goed aansluit bij kruidige gerechten. Het is aan te raden om trassi in poedervorm te gebruiken, omdat dit makkelijker te doseren is dan in blokjes. Het is belangrijk om geen trassie trafasie te gebruiken uit supermarkten, omdat dit vaak toegevoegde suiker bevat, wat het koolhydraatgehalte verhoogt.
Piment
Piment is een Surinaamse vorm van peperkorrels, die vaak gebruikt wordt in gerechten. Het is mogelijk om deze in supermarkten te vinden, maar de kruidenbaron biedt een goedkopere en verse versie aan. Het is aan te raden om hele korrels te gebruiken, omdat deze bij het fijzelen of malen extra smaak vrijkomt. Piment is ideaal in gerechten met een kruidige smaak, zoals bami of kip.
Selderij
Selderij is een essentieel ingrediënt in Surinaamse keuken. Het is belangrijk om écht selderijblad te gebruiken, niet platte peterselie. Het verschil in smaak is duidelijk en het selderijblad versterkt de Surinaamse smaken van het gerecht.
Laurierblad
Het gebruik van Indonesisch laurierblad (daun salaam) is aan te raden, omdat dit specifieke blad iets intensere smaken teweegbrengt dan gewoon laurierblad. Het is echter ook mogelijk om gewoon laurierblad te gebruiken als dit niet beschikbaar is.
Conclusie
Surinaamse keuken is rijk aan smaken en kruiden, maar traditieel bevat het veel koolhydraten. Door het gebruik van innovatieve ingrediënten zoals konjac- en kelpnoodles, koolhydraatarme roti en zelfgemaakte kruidenmengsels, is het mogelijk om klassieke Surinaamse gerechten zoals bami en roti in een koolhydraatarmere versie te maken. Deze aanpassingen behouden de essentie van de Surinaamse smaken, maar maken het gerecht toegankelijk voor diegenen die op hun koolhydratenletten of ketogeen voeden.
De essentie van Surinaamse keuken ligt in de kruiden, de combinatie van Aziatische, Afrikaanse en Europese invloeden en de warme, hartelijke bereidingswijze. Door slimme keuzes in ingrediënten en technieken is het mogelijk om deze gerechten niet alleen te bewaren, maar ook aan te passen aan moderne voedingsbehoeften. Hiermee wordt een brug geslagen tussen traditie en innovatie, waardoor Surinaamse keuken voor iedereen toegankelijk wordt, ongeacht voedingskeuzes.